Op de vlucht voor jezelf………..?

Op een ‘gegeven’ moment kom je erachter dat je leven één grote vlucht is. Steeds weer op pad om jezelf uit de weg te gaan, of nog beter geformuleerd: je-zelf in de weg te staan.
Het aardeleven is in feite een magische zoektocht naar jezelf. Een enorm geschenk aan de mensheid om aan God gelijk te worden: een vrij wezen die uit en door zichzelf keuzes kan maken, wiens bewustzijn niet meer beïnvloed kan worden door de buitenwereld, maar geworteld is in het Zijn, in een onbegrensd weten. Die zichzelf bevrijd heeft uit het enge groepsbewustzijn van familie, geloofsrichting, nationalisme, hebzucht en liefdeloosheid, die op zichzelf kan staan en direct kan handelen vanuit een innerlijk weten.

Je zoekt jezelf in de wereld die in dualiteit uiteengevallen is en die je iedere keer weer eraan zal herinneren dat je een keuze kan maken en geen willoze volger meer hoeft te zijn. God heeft onze vrijheid zo lief dat hij ons niet in de weg zal staan als we blind de populisten van deze wereld willen blijven volgen; Hij heeft nog liever dat je voor het duister kiest dan dat hij je dwingt om een keus te maken voor het licht.

Dwars door de wereld heen zal je uiteindelijk jezelf terugvinden. Dit staat in schril contrast met het idee dat je naar jezelf terug moet en de wereld de rug dient toe te keren.  De tijd van de kloosters en je terugtrekken in een grot is echter voorbij, omdat we nu in een ontwikkelingsfase zijn van het vrije individu die door eigen doorleefde ervaring tot inzicht dient te komen. In vroegere tijden hielden de kloosterlingen van verschillende religies door hun geestelijke arbeid en gebed de spirituele opdracht van de aarde gaande, omdat de rest van het volk vooral bezig was met de eerste levensbehoeften en het voeren van oorlogen.

Dus door je te verbinden met de wereld, door alle ervaringen, positief dan wel negatief beleefd, zal je uiteindelijk jezelf leren kennen. We zijn allen Parcival die de juiste vragen wist te stellen en daardoor zijn ervaringen kon omzetten tot een alles omvattend inzicht.

“Als je je eigen werkelijkheid dient, wordt je overspoeld door geluk, maar als je alleen uit bent op geluk zal je het juist op de vlucht jagen”, las ik eens ergens.
Dit is het grote probleem van de zoeker die in feite niet zichzelf zoekt, maar het geluk blijft najagen in de buitenwereld die juist voor hem of haar op de vlucht is. Omdat duurzaam geluk niet op zichzelf kan bestaan, maar alleen in directe verbondenheid met de Goddelijke kern van de eigen ziel.
Het ego, het niet-zelf, zoekt egoïstisch naar liefde en geluk en de wereld zal dat in grote hoeveelheden blijven voorspiegelen: loterijen, datingsites, pornofilms, reclames, vakanties en het gebruik van stimulerende middelen, allemaal erop gericht om je weg te halen bij jezelf en je aan te zetten om te blijven leven in de illusionaire wereld van de verbeelding en de hebzucht.
Het ego is een werktuig om jezelf in de wereld te handhaven, een soort dienstknecht die het hoger-zelf ten dienste moet staan. Het tegenovergestelde gebeurt: je hebt je zo vereenzelvigd met het ego dat je uiteindelijk het zicht op jezelf verliest en niet jij maar het ego het leidende principe is geworden.

Dit is de kern van het lijden van de ziel; de eenzaamheid en depressiviteit die mensen in ontwikkeling bijna dagelijks beleven en waar geen duidelijk antwoord op is, dan mensen vol te proppen met antidepressiva, in zelfs die mate dat wateren en vissen erdoor verontreinigd zijn. Vissen worden willoze slachtoffers van hun natuurlijke vijanden omdat ze verdwaasd rondzwemmen ‘van mij kan niets gebeuren’. Dat doen die chemische middelen dus ook met de mensen die het blijven gebruiken; het vlakt af en maakt zombies en ontneemt hen het vuur en de wilskracht om het leven als een uitdaging onder ogen te zien, hoe moeilijk het ook kan zijn. Psychiaters zijn pillendokters geworden die in dienst staan van de geneesmiddelenindustrie en alleen komen opdraven als de psycholoog vastloop met de therapie. Het is gechargeerd maar velen zullen het herkenning door eigen ervaring.

Het alsmaar weglopen voor jezelf wordt mooi geïllustreerd door het onderstaande verhaal:
**Broeder Hugo:
“Verveling – in de monnikenpsychologie aangeduid met ‘akedia’ – is bij uitstek een kwelgeest die ook in de moderne tijd lustig om zich heen bijt. Van alle acht gedachten is deze echter het moeilijkst onder woorden te brengen, dus vergeef me als dit onderwerp meer woorden nodig heeft dan de andere. Aan het einde zal je waarschijnlijk wel weten waar ik het over heb.
‘Akedia’ wordt het beste vertaald met verveling, maar het is niet zomaar de verveling die je overvalt als je zit te wachten op een trein of wanneer je al een uur zit te luisteren naar een klaagzang van je schoonmoeder over de verminderde kwaliteit van breiwol. De woestijnvaders noemden deze pregnante geestelijke verveling ook wel de ‘demon van de middag,’ en misschien geeft dat nog wel het meeste weg over de aard van deze notoire klier. Hij vertoont zich bij uitstek op het dode punt van de dag. Het gaat om een slapte van de ziel, om ‘er allemaal genoeg van hebben,’ ‘er zat van zijn.’ ‘Het komt me de neus en de oren uit,’ zeggen we dan.
Ook wordt ‘akedia’ gekenmerkt door een angstig soort onrust. Een soort zapgedrag, maar dan niet alleen voor de televisie, maar voor het hele leven. Je kent het wel: je hebt werk genoeg te doen, dingen bovendien die je normaal zouden vervullen en bevredigen. Het gaat dus zeker niet alleen om klussen waar je toch al een hekel aan had. Toch kan je er maar niet toe komen eraan te beginnen. In plaats daarvan ga je duizend dingen doen die nergens goed voor zijn. Zes keer je mail checken, in de koelkast sneukelen, reclamefolders doorbladeren, kijken of de buren al terug zijn van vakantie, et cetera, et cetera (en nog meer et cetera). Allesbehalve datgene dat je van plan was. Dit is de vorm die de meeste mensen weleens overvalt.

Het kan echter ook gierend uit de klauwen lopen. Vroeger was dat een typisch monnikenprobleem. Monniken werden vrijgehouden voor gebed en contemplatie, terwijl mensen in de wereld de hele dag werden beziggehouden door hun broodwinning en het huishouden. Omdat ‘akedia’ zich – zoals alle kwelgeesten – bij uitstek verzet tegen alles wat met God te maken heeft, liep het probleem in kloosters en kluizen sneller in de gaten. Daar waar er geen adequate leiding aanwezig was bleek het koorgebed in te zakken, roddel en achterklap brachten onmin (rondhangende monniken zijn net rondhangende buurvrouwen) en in minder dan geen tijd was het klooster veranderd in een soort dorp vol chagrijnige luiaards die het de hele dag druk hadden met niks.
Tegenwoordig zit de maatschappij zo in elkaar dat ze bijna gemaakt lijkt om ‘akedia’ te veroorzaken. Veel vrije tijd geeft gelegenheid tot rondhangen. Veel lawaai, geuren en kleuren verhinderen het gebed of meditatie, maar ook het werkelijk smaken van de dingen die ons gegeven zijn.
In plaats van het verhaal van ons leven te ervaren, beginnen wij door het verhaal van ons leven te bladeren.
De kleuren vervagen, niets wordt meer op waarde geschat. Al het gewone begint onmiddellijk te vervelen, en het buitengewone is na vijf minuten al niet buitengewoon meer. De ontmoeting met God wordt bijna onmogelijk. De weg die naar God voert door het beschouwen van wat Hij geschapen heeft, loopt dood omdat we de schepping niet meer werkelijk zien. De weg die naar God voert door tot onszelf in te keren – waar Hij woont in het diepst van onze ziel – loopt dood omdat er geen stilte is (daarmee bedoel ik niet alleen de afwezigheid van geluid, maar de afwezigheid van dwingende prikkels in het algemeen).
Het klinkt paradoxaal, maar het lijkt erop dat er niets zo stomvervelend is als een dolgedraaid leven.”

—————-Mensen doen vaak werk dat totaal niet overeenstemt met wie ze werkelijk zijn en dat vreet energie en holt mensen uit. Men leeft dan van vakantie naar vakantie om weer enigszins op te laden en weer mens te kunnen worden. Hele volksstammen verplaatsen zich over de wereld om ontspanning te vinden en komen met nog meer opgelopen spanning thuis.
Door de voortschrijdende techniek word je steeds meer weggedreven van ons oorspronkelijk zijn, van de eenvoud. De verbondenheid met de natuur, wat we ook zelf zijn, is verbroken. Over de hele wereld raakt het platteland ontvolkt en de steden overbevolkt. Men gaat de hele dag om met ‘alledaagse’ gebruiksvoorwerpen die in essentie absoluut niet meer te begrijpen zijn en die grotendeels bepalen hoe men leeft en is.

We zijn wereldburgers geworden met steeds meer geld en vrije tijd en steeds meer innerlijke leegte die we maar niet weten op te vullen.
Dat is de onderliggende kwaal van de uiterlijke zoektocht! Een leegte die ons voortdrijft om de verveling en de eenzaamheid te ontvluchten. Het juiste antwoord op de waanzin van het massatoerisme en de ontreddering van velen heb ik niet, alleen wil ik voorstellen om te overdenken en te doorvoelen hoe ver je verwijderd bent van je eigen natuur en van de eenvoud van het leven.
Begin eens de eigen omgeving te verkennen en zoek ruimte voor een moes of bloementuin, desnoods boven op het dak van je stadswoning of kantoor. Zoek het in de eigen leefomgeving of breng het zelf tot leven.
Overigens is er hoop omdat er een omwenteling aan het  plaatsvinden is en steeds meer nieuwe initiatieven laten zien dat het anders kan.

Vele wijzen hebben ons erop gewezen dat we God in de natuur kunnen vinden, we kunnen er graven naar God. Spinoza noemde zichzelf een atheïst, maar in de Ethica komt Spinoza er onomwonden voor uit dat hij God aan de natuur gelijkstelt. Hij sprak van een Natuur met twee gezichten: aan de ene kant de “naturende natuur” – dat wil zeggen: God, of de Natuur – en aan de andere kant de “genatuurde natuur” – ofwel de natuur in de gebruikelijke zin van het woord, de natuur met een kleine letter; de natuur als het ‘effect’ of het ‘gevolg’ van God.’

Geluk, liefde, vrede en stilte, het is een eeuwigdurende zoektocht. We verwachten dat de eerste twee hun vervulling zullen vinden in een nieuwe partner, en de vrede en stilte in de alsmaar kleiner wordende natuur. Er is blijkbaar niets zo moeilijk dan bij onszelf te blijven en er vanuit te gaan dat de bevrediging van al die verlangens in onszelf besloten ligt. Ik heb het al vaak beschreven: hoe we voortdurend op de vlucht zijn voor de grote leegte die we zelf zijn. In ieder geval ervaren we dat zo, omdat het alledaagse denken daar niets te zoeken heeft en ophoudt te bestaan.
Door onze identificatie met dat denken zijn we dus doodsbang, omdat die stilte en leegte bijna onverdraaglijk is.
Hoe ver we ook gekomen zijn door oefening in meditatief leven, door ons te voeden met mooie beelden, hoogstaande gedachten, en vooral dienstbaarheid aan de wereld, dreigen we toch steeds weer te bezwijken onder de roep van buiten en het eeuwige verlangen om daar de vervulling te zoeken.
Er wordt dan een enorm appèl gedaan op ons doorzettingsvermogen, geloof en vertrouwen over wie we zijn, de vraag der vragen:
Wie ben IK?  Mens ken uzelf! Het is een echte queeste.
Het is een eenzame weg, tenminste zo lijkt het, in feite is het dezelfde weg die wij allen lopen. Broeder/zusterschap begint bij de wetenschap dat wij allen , diep in onze ziel, hetzelfde zoeken en dezelfde weg gaan. Hoe meer we daarvoor wakker worden, hoe meer we in staat zijn met de ander op te lopen en wederzijds elkaar de weg kunnen wijzen, ………de weg terug naar je-zelf!

 

Zie in dit kader ook: ALL THAT YOU HAVE IS YOUR SOUL

 

**Bron: Kluizenarij De Besloten Tuin

 

Ook geplaatst in de facebookgroepen.

spirituele vrienden-de verwanten

Deel dit artikelTweet about this on TwitterShare on Google+Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedIn